Mara
Zijn naam is haas
Je zou een rechtopzittende mara gemakkelijk met een haas kunnen verwarren. Eentje met hele kleine oren, dat wel. Maar wanneer een mara rondwandelt, zie je meteen dat hij en een echte haas weinig met elkaar te maken hebben. Wat ze dan wel gemeen hebben? Hun snelheid, want ook een mara haalt makkelijk snelheden van 40 km per uur.
Mara
Wetenschappelijke naam
Dolichotis patagonum
Jungle
Trek als echte avonturier door de jungle. Stap in de bootjes van de Jungle Mission en kom oog in oog te staan met de kleurrijke oerwoudbewoners.
Beestige buren
Ontdek onze andere prachtige dieren die je hart sneller doen slaan!
Ringstaartmaki
Deze halfaap is oorspronkelijk een inwoner van het tropische eiland Madagascar. Logisch dus dat deze lemuur graag van de zon geniet. Om voldoende vitamine D op te nemen, gaat hij soms gewoon met open armen en benen in de zon zitten.
Ringstaartmaki’s zijn trouwens groepsdieren, die samen op zoek gaan naar vruchten, bladeren, bloemen en schors. En die buit delen ze daarna met de groep. Teamwork!
Grévyzebra
De strepen van de zebra’s zijn uniek en zijn zoals een vingerafdruk bij de mens. De Grévyzebra’s zijn herkenbaar aan hun witte buik en dikke zwarte streep op hun rug, die loopt van kop tot staart. Zebra’s leven in groep waardoor ze veiliger zijn. Als zebra’s in een kudde langs een roofdier lopen, is het moeilijk om één zebra uit de groep te halen. De strepen van de zebra’s hebben dan namelijk een verwarrend effect. Daarnaast hebben Grévyzebra’s zeer grote ogen, die hen toelaten om bijna volledig rondom zichzelf te zien. Hierdoor kunnen ze gevaar zeer snel opmerken.
Amoertijger
De Siberische tijger of amoertijger is een natuurwonder. Het is trouwens de grootste katachtige die er is. Een mannetje kan ruim 2,8 meter lang worden en het dier weegt gemiddeld zo’n 150 tot 250 kg.
Helaas komt deze grote poes bijna niet meer voor in het wild. Zijn natuurlijke leefomgeving is het Verre Oosten, vaak in zeer barre omstandigheden. Hij heeft zich hier ook helemaal aan aangepast, met een dichtere wintervacht, die lichter gekleurd is dan die van andere tijgers. Ook de stevige vetlaag van zo’n 5 cm langs zijn flanken en zijn buik beschermt hem tegen de ijzige wind en temperaturen die soms onder de -40°C duiken.